Regen… regen… en nog eens regen.

De rit naar het zuiden was heftig… zeer heftig. Een rit van ongeveer 6,5 uur, maar wel met ongelooflijk veel wateroverlast. De ruitenwissers konden het met momenten niet aan en ken je het geluid van overmatig opspattend vocht dat tegen de kappen van de auto schuurt? We hebben verschillende rally piloten al flikkerend met hun lichten zien voorbijsnellen en even later schuins geparkeerd in de berm zien eindigen. Gelukkig zonder grote brokken.

Dan probeer je te denken dat, eens Bordeaux voorbij het weer wel zal keren… neen dus! Het zag er even niet te best uit. Zeker niet als je man al weken vooraf herinneringen aan het ophalen is van de zonnige flaneerboulevard in Pau, bezaaid met palmbomen en magnifiek zicht op de Pyreneeën. Dus eerlijk gezegd nooit gedacht dat we in staat gingen zijn ook maar zoveel als onze kleine teen buiten de auto steken zonder kletsnat te worden. Maar het moet zijn dat we de rest van het jaar allemaal heel braaf zijn geweest, want bij het binnenrijden van Pau brak er zowaar een zonnestraal door de nog steeds dreigende wolken.

Pau, hoe zal ik het omschrijven… een stad die toch al wel flink uit de kluiten gewassen is, veelzijdig met een agrarisch karakter? Waar anders rijd je op de ring en zie je plots links een weide die bezaaid is met pas gemaaide strobalen? Ik zie het alvast niet zo direct in Leuven. En al wandelend op de ietwat mondaine boulevard, ontwaar je wat lager op een grasflank grazende geiten.

Leuke stad, heel mooie gebouwen. Toffe, kleine straatjes. Maar dan moesten we weer binnenvluchten voor de volgende bui.

In de bar à vin waren we welkom, maar hier vroegen ze toch weer onze telefoonnummer, uit voorzorg. Blijkbaar niet echt verplicht, maar aangezien Macron vandaag weer verstrenging van de maatregelen heeft aangekondigd vanaf 1/08, zie je de vertwijfeling. Of het bij ons ook zo is? Ja, het was zo bij ons. Oh, zegt de bazin, maar dat gaat bij jullie ook terug komen. Als we vroegen naar de vaccinatiegraad bij hen, blijkt dat hier niet meer dan 50% te zijn. Toch wel een stuk minder dan in België. Volgens haar typisch: Belgen doen gewoon wat ze moeten doen en willen graag onbezorgd op café. Fransen moeten eerst nog wat kunnen klagen en zagen voor ze overstag gaan.

Tijd om dit alles door te spoelen met een Jurançon (mij toch we wat te zoet) en een paar tapas. De “Bruschettas de Sardine à la Gelée de Piment d’Espelette” was een op het eerste zicht onbetamelijke combinatie, maar verrassend lekker!

Buikje gevuld, bui over. Tijd om onze overnachtingsplaats op te zoeken, 30 min verder door naar het zuid-westen, naar een dorpje aan de voet van de Pyreneeën met de meer dan welklinlkende naam van Oloron-Sainte-Marie. Blijkbaar bestaat Oloron uit 3 delen en zitten wij in het hoogstgelegen stuk, “la butte” zoals ze hier zeggen. Dat het nogmaals een Kiekeboe dorpje zou zijn, dat had ik begrepen, maar buiten 1 kruidenier en een crêperie (die bovendien gesloten was), is hier enkel nog de Chambre d’hôtes waar we reserveerden. Deze is gelegen in een gebouw uit de 17de eeuw, met authentieke elementen. Krakende vloeren, dikke stenen muren. En bij mooi weer, met zicht op de Pyreneeën.

De verwelkoming werd gedaan door mijnheer Patrick die dadelijk enthousiast begon te vertellen over de streek en waar we konden gaan eten. Table d’hôtes doet hij niet meer wegens corona, want hij heeft 1 lange tafel en kan dus niet per bubbel werken. Zo ook voor het ontbijt werkt hij in shiften. Die van 7h30 was al besproken, maar hij kon ons nog wel 9 h aanbieden, wat op algemeen gejuich van op de pubertribune werd onthaald.

Room with a view

En wat we morgen dachten te doen? Wij dachten een rit door de bergen te doen, een beetje de Tour verkennen één dag op voorhand. Daar kan hij ons morgenochtend nog wel mee helpen. Hier op “de butte” gaat het nog heel nat en grijs zijn, maar als hij morgen een blik kan werpen op de méteo, en de invloed van de Atlantique, la Méditerranée en Spanje kan inschatten, belooft hij ons een route uit zijn hoed te toveren zodat we -bij wijze van spreken- alles voor ons zien openbreken. Het is nen echte.

We springen daarna snel in onze wagen om – op zijn aanraden – iets te gaan eten in “Le Loft” een wat Amerikaans aandoende “diner”. Op het menu onder andere hamburger met Magret de canard. Lekker allemaal en we spoelen dit door met een glaasje Madiran van de streek.

En dan is het tijd om terug te keren naar onze B&B. Deze keer lukt het wel om de chromecast te installeren en kijken “we” (ik heb het de volle 5 min volgehouden) naar Vive le Vélo.

Plaats een reactie