Where to begin…bij het ontbijt lijkt me. Na een verkwikkende nacht (geen klachten over de bedden) trokken we naar de eetruimte. Ook hier enkel zoetigheden, niet zo mijn ding, maar vers fruit en goede yoghurt volstaan. Het stokbrood echter was wat aan de harde kant, maar daar zat een verhaal achter waar je toch wel de wenkbrauwen bij kan fronsen. Wie kan geloven dat een rasechte Fransman VERGAT dat het 14 juillet is, tevergeefs zat te wachten op de levering van vers brood, zijn “camion” (dixit) nam, naar beneden naar de bakker is gereden en toen hij daar ook voor een gesloten deur stond, zijn franc pas gevallen is. Kleine kanttekening hier nog bij: de camion waarvan sprake is een nogal afgeleefde camionette… kwestie van een beetje te overdrijven.

Hij was tevens ook de hele nacht in de weer geweest met zijn geodriehoek en de weerkaarten om ons de beste route met kans op “dégageren” van de wolken uit te stippelen. Het trof dat dit exact dezelfde route was als diegene die we zelf ook 5 min. eerder hadden uitgestippeld.
Tijd om te vertrekken, want we hadden een druk programma voor de boeg. Eerste taakje van de dag was een parcoursverkenning voor de tourrit van morgen en uitvogelen waar we precies het best een plaatsje kunnen veroveren. We moeten tijdig ter plekke zijn, want vanaf een bepaald uur sluiten ze alles af. Je zoekt best een stekje op een helling, want anders sta je 3 uur te wachten en is het in een flits voorbij, zonder je ook maar één renner herkend hebt. En dan is er nog corona, waar je liefst ook dikke pakken mensen uit de weg gaat. Het parcours volgen was niet zo moeilijk, want er hangen overal fluo gele pijlen op om aan te geven hoe het peloton zal rijden. We voelden ons op zoektocht met de jeugdbeweging.
We malen het ene charmante dorpje na het andere af (Nay, Pouzzac, Barrège,…) en overal hangen er vlaggetjes of zie je wel iemand strak ik het pak zich naar het centrum haasten voor één of andere ceremonie ter gelegenheid van de nationale feestdag. Zo ook in Lourdes, dat ook op onze weg lag. De flink opgeblonken helmen van de troepen schitterden kilometers in de omtrek, een aantal soldaten (?) stonden paraat met hun geweer. We besloten even halt te houden om van dichtbij gaan te kijken en zo konden we de hele ceremonie volgen. De orkestratie was waarschijnlijk niet zo strak als op de Champs-Élysées, maar het was toch indrukwekkend, zeker toen het koor de Marseillaise inzette (eat this Leterme!) en een hele duiventil duiven gelost werden.




En dan was het tijd om de eerste van de twee cols van die dag op te rijden. Geprezen en gevreesd door velen: de col du Tourmalet. Ondertussen was het weer inderdaad aan het beteren, dus hadden we prachtige zichten. Aangezien de col ook morgen in de rit zit, stond de hele weg vol met mobilhomes bezaaid die ongetwijfeld hier al een paar dagen de beste plaatsjes veroverd hadden. Het is duidelijk een kwestie van je favoriete col uitzoeken en daar tijdig je plaats claimen.

Door de grote drukte (ook veel wielertoeristen trachten elke rit één dag vóór het peloton te rijden) is het echt aan een slakkengang naar boven rijden. Hierdoor voel je echt de spanning, de nervositeit, de ambiance, de verbondenheid onder de kampeerders.
En dan is daar de top, duidelijk een heel pak graden minder, een onherbergzaam landschap en de vreugde en blije gezichten van alle fietsers die het gehaald hebben. Schitterend!
We vonden ondertussen dat we ook een opkikkertje verdiend hadden en wandelden naar een berghut in de buurt. Instant après-ski gevoel, want ook daar heerste een uitgelaten sfeer. We aten op het terras een flinke plak paté artisanal en de kinderen uiteraard wat hand in hand gaat met een ski-hut: een bakje frites. Dus toch nog een beetje skivakantie dit jaar.





Op naar de volgende col dan: col d’Aubisque! Daar was juist niks gedégageerd en – in alle eerlijkheid – was het bij momenten gevaarlijk. Zeer dichte mist, de weg is daar een pak minder goed dan de biljarttafel van de Tourmalet en het is één grote zone pastorale. Concreet wil dit zeggen dat er zo af en toe een koe in het midden van de weg je staat aan te staren. Maar je ziet ze pas als je al wel heel dichtbij bent. Vooral de afdaling was zeer pittig, want hier en daar zijn er in de bochten geen muurtjes die je eventueel kunnen tegenhouden.




Waar de sfeer op de Tourmalet uitgelaten was, is die op de Aubisque sereen. Geen vreugdekreten als men bovenkomt, maar ingetogen blij dat er geen accidenten zijn gebeurd.
Ondertussen is het al bijna 6 uur en zetten we koers naar Pau, waar ons onverwacht een aangename verrassing wacht. Al dagen zijn we onder ons aan het speculeren waar onze vrienden van de VRT zouden neerstrijken om verslag uit te brengen van de rit die start in Pau. We parkeren ons aan het station, nemen de funiculaire naar de Boulevard en stuiten op… Een opname van Sporza met Maarten Vangramberen, live in het VRT nieuws. We wachten geduldig tot hij klaar is en doen dan een meer dan leuk babbeltje met hem. Sympathieke jongen. We vroegen hem naar zijn prono voor morgen, want hij zat er al een paar keer op. Hij mikt op Vingegaard.


En dan zoeken we de Italiaan op voor ons avondmaal, de kinderen zonnen op Pizza vandaag. Enkel de naam was wat verwarrend (L’Entrecôte), want voor de rest prima in zijn soort!

Bovendien is dit restaurant – weer geheel toevallig – gelegen tegenover de Best Western waar we druppelsgewijs de hele tourkaravaan de parking zien binnenrijden… de spanning stijgt alleen maar.
Nog even naar de Boulevard om de festiviteiten van 14 juillet op te snuiven. In Pau geen vuurwerk dit jaar, ze hadden het idee opgevat om de burgers wensbalonnen te laten opstijgen. Een prachtig zicht.

Op weg naar Oloron krijgen we als kers op de taart toch nog vuurwerk te zien.
