Het was een warme nacht. Airco die niet werkte, zieke dochter. We sliepen met de deur en het ‘raam’ open zodat de tocht toch wat voor verkoeling kon zorgen. En aangezien ik om 4 uur toch net wakker was om Mare een dafalganke te geven, was ik ineens ook klaar voor de zonsopgang. Die was niet alleen sneller (op 30 min was het gebeurd) dan in Dana, maar misschien ook nog wel mooier. Anders in ieder geval.

We melden bij het ontbijt dat Mare niet in staat is de jeepsafari mee te doen en dat we het willen verplaatsen. Dat blijkt geen probleem te zijn. Straks dus geen definitief afscheid van de woestijn, we komen terug als ze geen koorts meer heeft en zich goed genoeg voelt.
Het Italiaans koppel van hut 1 merkt bij vertrek dat hun Fiat Tipo niet meer start. Ik zou onze “rescue ranger” gebeld hebben, maar daar kwam “Arafat » al aangesneld (1 van de 2 eigenaars-broers, we hebben zijn naam nooit begrepen want hij praat nogal speciaal én hij lijkt er wat op). Hij roept op een medewerker om ook te komen helpen en met een gereedschapskist in de hand steken ze het terrein over. Zo zijn ze hier in hun element, als ze kunnen helpen of ten dienste zijn. En wat meer is, dit voorval lost alvast 1 prangende vraag op die al lang door mijn hoofd spookt: wat dragen die mannen onder hun lang wit gesteven katoenen kleed? Wel, een lange wit gesteven katoenen broek!

Een paar minuten later kwam de auto sputterend weer tot leven en konden ze vertrekken. wij waren ook zo goed als klaar om te vertrekken. Ik had contact genomen met Reem, de eigenaar van ons appartement in Aqaba om te vragen of we niet sneller konden inchecken, dan kon Mare toch al iets comfortabeler verder uitzieken. Dat bleek geen probleem. De rit is maar een 50 min. dus voor we het wisten doemde de zee voor ons op. Dat doet ook weer eens deugd, na al die rotsen en al dat zand.
Onderweg passeerden we het eerste echte checkpoint. Men had ons gewaarschuwd dat je op de grote wegen aan de kust (ook aan de Dode Zee) redelijk wat controle zou kunnen krijgen. De grens met Israël is dan écht super dichtbij. Eilat ligt bijv. op 16 km van Aqaba. Aan de Dode Zee, al rijdend in je auto, is je gsm net een flipperkast. Dat springt van “welcome in Jordan » naar « welcome in Israel » en omgekeerd, zo een 10-tal keer. De meeste controles zijn mobiele, maar we werden nooit tegengehouden. Sommige zijn vast, maar meestal is er dan niemand aanwezig als je passeert. Deze keer hadden we prijs. In het slechtste geval is het al je bagage laten fouilleren. Ik had alle paspoorten en documenten alvast zichtbaar in de hand genomen. De vriendelijke agent vroeg hoe het ging met ons en de standaardvraag : « where are you from? ». En dat was het, we mochten direct doorbollen. Tof, want de man van het verhuurkantoor stond ons al op te wachten aan de brug van het resort. We verblijven de komende 4 nachten in het Mövenpick Aqaba resort.
Ook hier weer een geweldige komedie voor we toegang krijgen. De man vraagt ons om eerst te passeren via het hotelgedeelte om al onze bagage te laten checken. Daarna mag hij ons pas aan de overkant van de weg aan het appartement gedeelte brengen. De portier van het hotel checkt onze paspoorten en begint moeilijk te doen: ‘what is this?’. Blijkt dat hij Lasse zijn paspoort in zijn pollen heeft en dat hij de foto aan het vergelijken is met Willem! Hij had onze slapende zoon achteraan nog niet ontdekt en het feit dat hij 4 paspoorten vast had deed precies ook geen belletje rinkelen. Enfin, zijn fout inziend en 100 excuses later, deed hij de bareel open en konden we verder rijden naar de bagage check. Daar werden we opgewacht door een andere man die zei :´only the big bags’. Ok, logica ver zoek, maar tof voor ons. De 4 grote zakken terug in de wagen, het domein af en dan volgden we onze man naar de overkant, waar er wéér een paspoort check was aan de toegangspoort van het domein. En dan waren we eindelijk binnen. Ons appartement blijkt pal aan het strand te liggen, ons hart maakt een sprongetje. We zien trouwens dat de doorgang van de parking naar het strand alweer bemand wordt door een ‘guard’ die een hele dag in de hitte op een stoeltje zit om te vermijden dat er onbevoegden het strand zouden betreden. Nu moet je mij eens vertellen hoe dat überhaupt nog zou kunnen, na al die controles. Ons terras kijkt uit op zee én op het zwembad. Het is ruim, netjes, prima in orde, wasmachine, droogrek én strijkijzer (hoera voor Lasse zijn hemdjes die hij zo graag aandoet). De airco werkt prima en er is een zalig terras. We blijven!
Plots krijg ik een bericht binnen van Mahmoud, onze begeleider van de Wadi Aya trip. Hij vraagt hoe het gaat en nodigt ons bij hem thuis uit in Aljoun. Donderdag doet hij daar in de buurt een trip met in groep in de Wadi Rajeb, we mogen van hem gratis mee, zegt hij. Als we echt willen kunnen we hier zeker 3 weken vullen zonder een frank op te doen aan activiteiten, eten en drinken. Ik zeg hem dat we nu in Aqaba zijn, dus op zo’n 5 uur rijden en dat dat wat veel is en bedank hem én vraag hem gelijk nóg eens om de foto’s en fimpjes van onze trip (voor de 3de keer al), maar dat schijnt hij precies niet helemaal te begrijpen.
Mare ploft de rest van de dag in de zetel. Willem en ik doen boodschappen (drank, snacks en ontbijt) in de (jawel) Carrefour. We kopen er ook Za’atar, wat een keuze heb je hier! En ook een olie voor de huid die een wel heel jonge jongen ons laat proberen. Ik denk dat je hier geen 16 moet zijn om een « studentenjob” te doen. Lasse en Willem verkennen het terrein en doen een plonsje in zee. Lasse komt me daarna aflossen om bij Mare te blijven en Willem en ik duiken de jacuzzi in.


´s Avonds is Mare al een heel stuk beter, mee gaan eten doet ze toch nog liever niet. Maar aangezien we eten in het restaurant tegenover ons terras (en op dezelfde hoogte), is het ok voor haar dat we met z’n 3-en gaan. De ´Red sea grill’ is dus een restaurant op het domein met vooral visspecialiteiten. Het is er superlekker! Mijn vis (gebakken in een zoutkorst) wordt bovendien met een kleine vuurshow geserveerd. Goede prijs-kwaliteit hier, de rekening is zeer schappelijk.



We lopen nog even het strand op naar de zee en Lasse zet zich in de « life guard stoel ». Voor we het weten komt er al een man van de security de hoek om geslopen. We reppen ons dan maar gauw naar boven. Nog even de was plooien en dan gaan we slapen. Morgen is het luie dag met zon, zee, strand en cocktails in de hand.

