Elephant attack

Wat met zekerheid kan gezegd worden is dat een Sri Lankaan ´s ochtends in alles verschilt van pakweg de Italiaan. Er wordt hier uitgebreid moeite gedaan voor het ontbijt. Alleen al de massa’s fruit snijden moet veel tijd kosten. En ons hotel in Sigiryia spant de kroon tot nu toe. Als je kiest voor een Sri Lankaans ontbijt, dan staat de tafel vol: fruit, springhoppers, coconut samabal, Dhal,… noem maar op. Dit valt met de beste wil van de wereld niet weg te werken. Maar wel lekker!

In de voormiddag doen we het «’easy going’ aan het zwembad tot half 2. Het is hier nog steeds laagseizoen en alle andere gasten die er gisteren waren zijn weg, de nieuwe nog niet hier, dus hebben we het rijk voor ons alleen. Mare is al aan haar derde boek begonnen, Lasse leert een kaarttruc.De eigenaar van het hotel heeft ons gisterenavond geëntertaind met de zijne en nu wil Lasse hem imponeren straks.

Deze namiddag staat in het teken van de olifant. Het nationaal park hier in de buurt (Kaudulla/Minneriya) herbergt grote kuddes olifanten. En dat hebben we mogen weten… we hebben er meer dan 150 gezien, we zijn op den duur de tel kwijt geraakt. Prachtig om die dieren in het wild bezig te zien en bij momenten is het ook redelijk schrikken. Geheel ongevaarlijk blijkt dit niet te zijn. Plots zien we onze chauffeur panikeren en vol gas vooruit stuiven als blijkt dat we éen deel van de groep (vooral de kleintjes) afscheiden van het andere deel. Mare was net aan het filmen. De adrenaline spatte uit onze jeep. We zijn een 3-tal uur in het park, maar vervelen doet het niet. Ze komen ook echt vlakbij. En vooral de allerkleintjes (van 1 maand oud) en de echte grote oude exemplaren zijn zeer indrukwekkend.

Op weg naar huis passeren we een « Elephant crossing zone », waar zoals het woord het zegt vooral ‘s avonds en ´s ochtends olifanten kunnen oversteken, niet altijd even gezapig, dus dat kan wel af een toe een wreed accident veroorzaken. En je kan het al raden… plots stopt C nogal bruusk om vervolgens in achteruit terug naar de plek te rijden waar er een olifant ons aan de kant van de weg staat aan te staren. Hello Dumbo!

In het hotel aangekomen worden we goed ontvangen door de gastheer en zijn personeel, allemaal zeer jonge mensen hier. Allen om ter vriendelijkst, al spreken ze niet allemaal even goed Engels, maar dat wordt ruimschoots gecompenseerd door een immer brede glimlach. Het eten staat na onze douche (want wat een stof hebben we vergaard in dat park) klaar en daarna spelen we nog met de kaarten én is het tijd voor Lasse zijn truc.

We praten nog wat met de eigenaar en die blijkt wel wat meer in zijn mars te hebben dan een hotel managen alleen. Zijn grote droom is een keertje naar Tomorrowland komen want hij is bezig met de organisatie van het grootste festival in Sri Lanka: Deep Jungle. Hij is 25 en heeft alles vanaf zijn 14 geleerd in de horeca. Hij doet me denken aan de jonge generatie in Amman vorig jaar, waar je ook een groot verschil zag met de oudere: meer bewust nadenken over de toekomst van het land, zowel naar ecologie als naar gezondheid toe. Het was fijn praten met hem en hij heeft een heel netwerk van kennissen en vrienden aan de kust, onze volgende stop voor een paar dagen. We mogen hem altijd bellen als we iets nodig hebben en hij zal het dan voor ons op 2 minuten fixen. Zo werkt dat hier.

Plaats een reactie