Vandaag nemen we afscheid van Bled. We laten ook definitief onze auto achter, vanaf nu is enkel de fiets ons vervoermiddel.
Het is niet enkel een lange rit, het blijken ook maar liefst meer dan 800 hoogtemeters te zijn. Slik dus! We smeren onze kuiten goed in.
Het was de eerste keer dat we onze bagage moesten klaarmaken voor ophaling, dus dat was even kijken hoe ons te organiseren om alles zo compact mogelijk te maken en niet teveel « losse » stukken te hebben. Kwestie niet te riskeren dat er iets per ongeluk blijft liggen, dat zou zeer onaangenaam zijn na zo een lange rit.

Wij op pad met onze ervaren gids Lasse. Het moet gezegd, hij doet dat perfect. Hij geeft tijdig aan welke kant we op moeten, wanneer we best eten en drinken voor er een zwaar stuk volgt en is de beste mental coach in moeilijke tijden. Die jongen heeft een toekomst.
Ondertussen zijn we dag 3, van de ritten, we hebben al 110 km achter de kiezen. We leren elke dag veel bij: Mare kan ondertussen al rijdend drinken van haar bidon, we remmen vóór de bocht, ik heb leren doseren als het bergop is (en val dus niet meer stil halfweg), we kennen de signalen met de ellebogen om aan te geven dat er een hindernis komt en we kunnen een lange afdaling op gravel doen zonder ongelukken. Enkel ik heb blijkbaar nog problemen met opstappen, want ik ben uit stilstand de grond op gekletst (zonder veel erg, een kleine schram op de knie. De slappe lach van Mare was erger dan de pijn). Om het met de woorden van Lasse te zeggen: il faut le faire, een klik pedalen val zonder klik pedalen.
Het eerste stuk gaat vandaag heel vlot, we zijn in no time in het Middeleeuws dorpje Radovljica, gelegen op 500 m hoogte met een mooi zicht op de omgeving én het is tevens de hoofdstad van de bijenteelt en chocolade. Good to know!

Het werd aangeraden om hier even halt te houden en het is inderdaad de moeite. Op het Linhart plein lonkt een mooi terras dat tegenover de muziekacademie gelegen is. We worden getrakteerd op prachtige pianomuziek door de openstaande ramen.
We drinken iets (willem kiest voor Ice coffee en ontdekt dat daar effectief ook een bol ijs mee gemoeid is, voor Lasse is het al tijd voor een pannenkoekje, het zijn echte coureurs die mannen) Ik doe ook een kleine toer door het stadje en ontdek fresco’s op de muren van de huizen en een historische peperkoek bakkerij. We kopen daar wat peperkoek, het is echt onze rode draad aan het worden.






En dan zetten we onze tocht verder en zitten we heel snel aan Km 18 waar onze eerste klim begint en die door iedereen zwaar onderschat werd: 4,5 km waarvan de laatste 800 m aan gemiddeld 15%… we moesten er collectief even van bekomen.
Het bleek zeker ook niet de laatste kuitenbijter van de dag te zijn. Stilaan komen we ook in een meer bosrijk gebied, wat enerzijds goed is om af en toe af te koelen. Anderzijds is er meer kans op dieren. Niet in het minst insecten. Bij een rustpauze bleek er een mier in Lasse zijn shirt gekropen te zijn, die hem pakweg een km later beet met dadelijk een schouder vol ´blaren’, maar verder geen gevolg. Wat erger is: Lasse moet op bijna elke col minstens een 10 à 15 min wachten op ons. Soms komt hij nog eens op en af gereden, maar als het sowieso al afzien was natuurlijk niet. En dan kiest hij voor de veiligheid van bijv. De kijkhut op eenzame hoogte. Helaas kunnen beren ook klimmen, dus zijn gevoel van veiligheid was gauw verdwenen toen Mare dit opmerkte ( hier zitten wel degelijk 1600 beten in de bossen).


Ik denk dat we wel zeker 20 dorpjes hebben doorkruist, allemaal even aantrekkelijk, maar zonder enige voorzieningen qua stock inslaan. Ik was me echt al ongerust aan het maken, ons water was aan het wegslinken met de meter.

Tot we dan toch, net voor een nieuwe stevige klim, een Mercator ontwaarden (achter een halve bos) met een bar ernaast. Halleluja, de redding was nabij.
We besloten op ook nog een ijsje te eten (de helft van het gezelschap toch, mijn Nectarine heeft nog nooit zo goed gesmaakt) en iets te drinken bij de bar nadat we half de winkel hadden leeggeplunderd. Op zijn minst gezegd: het gezelschap dat samen met ons op het terras zat was van zeer folkloristische aard. Bij het Sloveens is het soms niet echt duidelijk of er nu gewoon een geanimeerd gesprek bezig is of dat ze elke moment met elkaar op de vuist kunnen gaan.
Allé hop, klaar voor de volgende 30 km en ja, het venijn zit hem in de staart… de laatste 5 km worden ingezet met een klim naar een charmant kerkje. Het dorp zelf telt letterlijk 4 huizen en ik heb – tegen het tempo dat ik boven kwam – ze goed kunnen tellen.


Mare is weeral geheel op eigen kracht telkens op eigen tempo boven gekomen, ik heb vandaag voor het eerst 1 trapje hoger dan « eco » geschakeld op de laatste steile stukjes (turbo heb ik nog niet uitgetest). Met een zware fiets met goed gevulde zijzakken (ah ja, want jij rijdt toch elektrisch) op de laagste stand naar boven is zo goed als zonder ondersteuning. Maar het laat je wel toe op de vlakke stukken meer te recupereren. Maar zweten en afzien doe je sowieso!
We zijn eigenlijk allemaal blij als we de oprit kunnen opdraaien van Hotel Loko en opgevangen worden door de meest sympathieke gastvrouw. De valiezen staan al netjes voor de deur van onze kamer te wachten, de airco staat op en de douche is nog nooit zo heilzaam geweest. Onze huid brandt zichtbaar nog na van de zon én de inspanning.
We eten in the old town, een schril contrast met de moderne blokken, inclusief hangjongeren 100 meter verder. Om één of andere reden snakten we allemaal naar een goede pasta… toch ook coureur allures dan.


Ik denk niet te liegen als ik zeg dat we binnen de kortste keren allemaal in dromenland gaan liggen. Morgen leidt de etappe ons naar Lublijana waar we 2 nachten zullen verblijven en de 2de dag de stad gaan verkennen te voet. Even de fiets aan de haak dus voor een dagje « rust ».
